Dierenkliniek Stein
Home

Over Ons

Dierenartsen
Assistentes
Onze Praktijk
Behandeling
Onderzoek
Ingrepen
Laboratorium
Opname
Tandheelkunde
Fysiotherapie
Gedragsadvies
Senior Care
Senior Care
Senior Care Consult
Voeding
Vragenlijst
Algemeen
Nieuws
Adres
Openingstijden
Mail

Senior Care

Volledige gezondheidscontrole voor de oudere hond en kat.
Doel: afwijkingen in een vroeg stadium opsporen voordat het dier ziek wordt.

Net als oudere mensen hebben oudere honden en katten speciale zorg en aandacht nodig. Vrijwel alle organen gaan minder goed functioneren bij het oudere huisdier, denk hierbij aan onder andere de lever, de nieren en het hart. Het doel van een gezondheidscontrole voor de senior is om al in een vroeg stadium eventuele achteruitgang van een orgaan op te sporen voor het dier er ziek van wordt. Als we de ziekte pas constateren op het moment dat uw hond of kat al klachten heeft is het vaak moeilijk om hem of haar nog goed te behandelen
Het oudere huisdier kan zich minder goed aanpassen aan wisselingen in de voedingsgift, zoals een teveel aan voeding, dreigende tekorten aan bepaalde voedingsstoffen en veranderingen in beschikbaarheid van de nutrienten. Mede hierdoor worden de oudere dieren kwetsbaarder voor allerlei aandoeningen. De drie voornaamste doodsoorzaken van hond en kat, buiten ongevallen, zijn kanker, nier- en hartaandoeningen. Een optimale voeding kan het optreden van deze ziekten uitstellen of zelfs elimineren. Bovendien lijden oudere dieren zelden aan maar een ziekte, vaak komen meerdere kwalen tegelijk voor. Dit is de reden voor een individuele aanpak van de “senior”

Wanneer spreken we van een senior?
Gemiddeld genomen beginnen de natuurlijke verouderingsprocessen bij de hond vanaf de leeftijd van 7 jaar voor honden met een lichaamsgewicht tot 15 kg, 6 jaar bij honden tot 35 kg en vanaf 5 jaar bij de zogenaamde reuzenrassen. Een kat noemen we senior vanaf de leeftijd van 8 jaar.

    Wat zijn zoal de zaken die bij een senior achteruitgaan, dan wel minder goed functioneren?
  • Het bewegingsapparaat, denk aan stijf opstaan, moeilijk traplopen, minder ver kunnen wandelen, mank lopen etc.
  • De conditie van huid en haren zoals haaruitval, grijs worden, doffe vacht etc.
  • Hart- en vaatziekten, leidend tot minder activiteit en dus minder voedingsbehoefte.
  • Veranderingen in de darmwerking, leidend tot bijv braken, diarree en winderigheid.
  • Achteruitgang van lever en gal, kan zich manifesteren door slecht eten, braken, diarree en meer drinken en plassen.
  • Achteruitgang van de functie van de nieren, valt vooral op door meer drinken en plassen en door slecht eten en vaker braken dan voorheen.
  • Veroudering gaat gepaard met een minder goede immuniteit (weerstand tegen bijv infekties).
  • De stofwisseling verandert, er is minder energie nodig, de magere lichaamsweefsels nemen af en het vetgehalte neemt vaak toe.
  • Gebits en mondslijmvliesstoornissen : dit kan leiden tot slechter of moeilijker eten en kauwen en tot infekties die zich door het gehele lichaam kunnen verspreiden met als mogelijk gevolg ontstekingen van de lever, nieren en hartkleppen.
  • Gedrag: het bewustzijn kan minder worden, overmatig blaffen, minder interactie met de huisgenoten, minder enthousiaste begroetingen, veranderde slaappatronen.
  • Verminderde zindelijkheid bij incontinentie.
© 2012 Dierenkliniek Stein realisatie: Titana Automatisering